Aziatische olifant
Bedreigd

Aziatische olifant

Na de Afrikaanse olifant is de Aziatische het grootste landdier. De Aziatische olifant heeft kleinere oren dan de Afrikaanse en een bolle rug. Bovendien hebben bij de Aziatische olifant de vrouwtjes geen slagtanden.

Hoewel de vrouwtjes ('koeien') dus niet om hun ivoor worden bejaagd, worden ze wel gevangen om te temmen. In gevangenschap planten ze zich zelden voort. Vooral door het verdwijnen van de bossen zijn Aziatische olifanten uit een groot deel van hun oorspronkelijke leefgebied verdwenen. Naar schatting zijn er in het wild nog tussen de 25.600 en 32.750 over.

WNF komt voor de Aziatische olifant op, onder andere door zijn leefgebied te beschermen en stroperij en handel in ivoor te bestrijden.

Er worden 3 of 4 ondersoorten van de Aziatische olifant onderscheiden (geschatte aantallen tussen haakjes):

  • Sumatraanse olifant, Elephas maximus sumatrensis (2400 - 2800)
  • Indische olifant, Elephas maximus indicus (20.000 - 25.000)
  • Sri Lankaanse olifant, Elephas maximus maximus (3160 - 4400)
  • Borneose dwergolifant (NB: pas recent als ondersoort beschouwd), Elephas maximus borneensis (minder dan 1500).