Borneose orang-oetan
Bedreigd

Borneose orang-oetan

De orang-oetan is een mensaap met een roodbruine vacht. Orang-oetans leven bij voorkeur hoog in de bomen van het oerwoud. Hun naam betekent dan ook 'bos-mens'. Tot voor kort werden de orang-oetans van Borneo en Sumatra als twee verschillende ondersoorten beschouwd. Volgens de meest recente opvattingen verschillen ze voldoende om ze als twee verschillende soorten te zien: de Borneose orang-oetan (Pongo pygmaeus) en de Sumatraanse orang-oetan (Pongo abelii).

De Borneose orang-oetan is in vergelijking met de Sumatraanse wat minder verfijnd: zijn bouw is wat grover en de vacht is gemiddeld donkerder en stugger. Het duidelijkst komt het verschil tot uiting bij de dominante mannetjes. Bij de Borneose orang-oetan staan de wangflappen naar voren gericht waardoor het gezicht een komvorm krijgt, de Sumatraanse orang-oetan heeft meer een schijfvormig gezicht.

Van de Borneose orang-oetan worden nu drie ondersoorten onderscheden: de Noordwest-Borneose orang-oetan (P. p. pygmaeus), de Centraal-Borneose orang-oetan (P. p.wurmbii) en de Noordoost-Borneose orang-oetan (P. p.morio).

Vooral doordat de hoeveelheid oerwoud sterk is afgenomen in Indonesiƫ, is het aantal orang-oetans sterk achteruitgegaan. Van de Borneose orang-oetan zijn er ongeveer 57.000 over.