Noordelijke zeeolifant

Noordelijke zeeolifant

Bij deze grote rob is een groot verschil tussen mannetjes en vrouwtjes. De mannetjes hebben een duidelijke slurf, een dikke huid rondom de nek en een veel groter formaat. Ze zijn donkergrijs tot bruin van kleur. De noordelijke zeeolifanten zijn uitstekende zwemmers en duikers. Ze kunnen tot 1500 m diep duiken. Tijdens de rui en de paartijd blijven ze wekenlang aan land. In die tijd eten ze dus ook niet. De noordelijke zeeolifant was aan het einde van de vorige eeuw bijna uitgeroeid. In 1892 waren er nog maar 8 tot 20 dieren over. Daarna is het aantal snel toegenomen. In Año Nuevo, ten zuiden van San Francisco, is een grote zeeolifanten kolonie, waar vrijwel altijd dieren te zien zijn.