Uilen

Uilen

Met hun haaksnavel en sterke, scherpe klauwen lijken uilen op roofvogels, maar ze zijn daar niet nauw mee verwant. Uilen gaan vooral 's nachts op jacht. Dankzij hun grote ogen kunnen ze ook bij weinig licht nog voldoende zien. De ogen staan voor in de kop, waardoor ze beter afstanden kunnen schatten. Door hun zachte veren vliegen ze geruisloos, wat ook bedoeld is om zelf goed te kunnen luisteren naar geritsel van een prooi. Hun oren - die onder de veren van hun wangen verborgen zitten - zijn ook erg goed ontwikkeld. Bij elke poot steken twee tenen naar voren en twee naar achteren, wat een goede grip oplevert op een tak of prooi.